hybridresourcing Aanmelden voor de wachtlijst

Kennisbank

Waarom uw directie het niet eens wordt over het AI-tempo

De CIO vindt dat het te langzaam gaat. De CHRO vindt van niet. De COO zwijgt, want operationeel loopt het net op stoom. Dit gesprek voert vrijwel elke directie, en het blijft meestal onbeslist, omdat niemand een gedeeld beeld heeft van waar de organisatie werkelijk staat.

Vier mensen, vier organisaties

Als vier directieleden onafhankelijk van elkaar zouden beschrijven hoe volwassen hun organisatie is op het gebied van AI, ontstaan vaak vier verschillende antwoorden. Niet omdat een van hen ongelijk heeft, maar omdat ieder een ander deel van de organisatie ziet. De CIO kijkt naar infrastructuur en systemen. De CHRO kijkt naar wat mensen op de werkvloer doen. De COO kijkt naar processen die draaien. Die beelden overlappen niet vanzelf.

De volwassenheidsmeting van hybridresourcing is gebouwd op dat gegeven. In plaats van één gezamenlijke score te vragen, laat de plot-ronde meerdere mensen apart scoren, over zeven dimensies, op vijf niveaus: baseline, foundation, activation, insight, intelligence. Pas daarna worden de scores naast elkaar gelegd. Het resultaat is geen gemiddelde, maar een spreiding. En die spreiding is vaak het interessantste deel van de uitkomst.

Wat de spreiding laat zien

Een grote spreiding tussen directieleden is geen storing in de meting. Het is een signaal. Het betekent dat er geen gedeeld beeld bestaat van de uitgangssituatie, en dat elk gesprek over tempo daardoor eigenlijk een gesprek over verschillende organisaties is. Wie dat weet, voert een ander gesprek dan wie dat niet weet.

De zeven dimensies zijn niet gelijkwaardig in volgorde. Sommige zijn fundamenteel: hoe volwassen uw organisatie is als het om AI gaat en hoe volwassen uw IT-infrastructuur is als het om AI gaat bepalen namelijk wat de rest van de organisatie kan dragen. Andere dimensies zijn daarvan afhankelijk. Een uitleg van waarom de fundamentele dimensies eerst moeten staat er los van, en is nodig om de uitkomst van de plot-ronde goed te kunnen lezen. Een hoge score op een afhankelijke dimensie, terwijl een fundamentele dimensie laag scoort, betekent meestal dat die hoge score niet lang standhoudt.

Wat deze methode niet doet

De meting geeft geen cijfer dat vertelt hoe goed of slecht een organisatie ervoor staat ten opzichte van andere organisaties. Er is geen benchmark, geen ranglijst, geen percentage dat aangeeft hoever u bent. De vijf niveaus beschrijven een volgorde van opbouw, geen wedstrijd.

De meting vertelt ook niet wat er moet gebeuren. Ze levert een structuur op waarmee een directie het gesprek kan voeren, niet een aanbeveling die dat gesprek vervangt. Twee organisaties met dezelfde lage score op dezelfde dimensie kunnen daar om heel verschillende redenen staan, en dus is een lage score op zichzelf niet genoeg om iets te concluderen. Wat er in zo'n geval wel te zeggen valt, staat uitgewerkt in welke twee scenario's horen bij een lage score; vaak zijn het geen technische problemen maar organisatorische.

Verder is de meting geen momentopname die iets garandeert over de toekomst. Een organisatie die vandaag op activation scoort, is daarmee niet automatisch klaar voor wat er over een jaar wordt gevraagd. AI-toepassingen veranderen, en wat vandaag als volwassen geldt, kan over een tijd als basaal gelden.

Waar het vaak misgaat vóór de meting

Een groot deel van de verwarring in directies ontstaat niet tijdens het scoren, maar ervoor: doordat iedereen een ander beeld heeft van wat AI in de praktijk betekent voor de eigen organisatie. Wie AI vooral kent van een chatvenster op de eigen laptop, mist een groot deel van wat er speelt in databeheer, in besluitvorming, in processen die niet zichtbaar zijn vanaf een individuele werkplek. Een overzicht van wat u niet ziet als u alleen het chatvenster kent laat zien waar dat blinde vlekken oplevert, juist bij mensen die dagelijks met AI werken en daardoor denken dat ze het overzicht hebben.

Dat blinde-vlek-probleem raakt ook aan een ander punt: veel organisaties weten niet eens welke besluiten er dagelijks worden genomen, laat staan welke daarvan met AI te maken hebben. Een besluiten-inventaris brengt dat in kaart, en wat daar minimaal in hoort staat beschreven in wat er hoort in een besluiten-inventaris. Zonder dat overzicht is elke discussie over AI-tempo een discussie zonder gedeelde feiten.

Wat deze meting niet vervangt

De volwassenheidsmeting beantwoordt de vraag of een organisatie AI kan dragen: of de fundamenten er staan, of organisatie, infrastructuur en datamanagement voldoende ontwikkeld zijn om daarop voort te bouwen. Ze beantwoordt niet de vraag welk deel van het huidige werk door AI is over te nemen. Dat is een andere vraag, met een ander soort antwoord: niet een niveau per dimensie, maar een percentage per taak. Wie behalve gereedheid ook wil weten waar in het werk zelf de ruimte zit, vindt dat in de werkscan van FTE TO AI, die per taak berekent welk deel daarvan door AI is over te nemen.

De tool is in aanbouw

De volwassenheidsmeting van hybridresourcing wordt op dit moment gebouwd. Wie de plot-ronde wil gebruiken zodra deze beschikbaar is, kan zich aanmelden voor de wachtlijst.

Robbyde assistent van de volwassenheidsmeting

Vraag maar wat er moet staan voordat AI in uw organisatie kan landen.

Antwoorden komen uit de kennisbank van deze site. Geen advies op maat, en geen scan van uw bedrijf.